18 Apr 2014

Immejurkie weet best hoe je columniste word


Mensen vragen me van alles. Hoe je miljonair/president/olympisch kampioen wordt, je kunt het zo gek niet bedenken. Of hier: hoe je columnist wordt. Tja, het is ook echt heerlijk, columnist zijn. Je bent toch een soort intellectuele celebrity, een onafhankelijk, kritisch denker. Schrijver, bedoel ik. Iedereen wil dus columnist zijn. Je wordt het ook niet, je bent het, net als arts. Het is alleen de vraag, hoe je zorgt dat iedereen dat weet.
Daarom, voor iedereen die ook achterop de krant wil, heb ik het eerste, dus meteen al unieke, 5-stappenplan : ‘Hoe word ik columnist’.
1. Zorg dat je je typediploma haalt. Echt, je weet niet half hoeveel tijd je verdoet met zoeken naar letters. Kost zo een paar seconden per regel. Keer 100 en hop daar gaat je productiviteit. En je deadline. Haal je nooit zonder dat diploma.
2. Zorg dat je een tv hebt. Alle columnisten kijken onwaarschijnlijk veel tv. Beroepsmatig natuurlijk, anders keken ze heus niet. Hoe ik dat weet? Ze hebben het altijd over tv programma’s, mensen op tv en vooral over hoe erg dat allemaal is. Ik vond het zelf ook gek hoor, ontdekken dat ze allemaal tv kijken. Kijk je er toch anders tegenaan, ik bedoel: zitten ze dan op de bank of zitten ze dan aan een bureau officieel te kijken?
3. Zorg dat je je taal een beetje beheerst. Dat je snapt dat een zin van 30 woorden een snurkzin is. Dat je niet twee keer hetzelfde belangrijke woord in 1 paragraaf zet. Behalve als het over columnisten gaat. Zo zijn er nog 100 regels, maar die vertel ik nog wel een keer.
4. Zorg dat je grappig schrijft. Let op, je hoeft niet grappig te zíjn. Ook ik schrijf leuker dan ik ben. Believe you me. Mensen willen best horror, maar het moet wel grappig zijn.
5. Zorg dat je het publiek kiest, dat bij je past. Damesblad is prima, lekker veel lezers, maar schrijf dan wel over de hond of het kind of de nieuwste look of over de ziekte van jeweetwelhoeheetze en als je niets meer weet, over hoe je bent veranderd na/door/dankzij/ondanks. Pas je aan. Doe je dat niet, dan is het een kwestie van hopen dat jouw weergaloze, authentieke werkjes precies passen bij medium van je keuze. En dat kan even duren.
Heb je dat allemaal gedaan, dan hoef je alleen nog maar het telefoonnummer van de hoofdredacteur te pakken te krijgen. En dan bellen he, bellen. Ze gaan jou echt niet bellen hoor. Weet je wel hoeveel vermeende columnisten onze mailbox voldouwen met onzin? Hup, bellen. Bedenk wel even wat je zegt, als je belt. Dat je niet gaat stotteren of erger nog, onderdanig gaat zitten doen. Want hey, je bent wel een aanstormend columniste. Van wie ze zeggen: is dat nou die vrouw tegen wie ze lekker wijf zeiden?

Mail bij nieuw jurkie